Tips en inspiratie

To crop or not to crop

Nando Harmsen 1 jaar geleden

Cropsensoren, fullframe sensoren en de cropfactor. We hebben er allemaal over gehoord of zijn er allemaal wel eens mee geconfronteerd. Voor de mensen met een compactcamera of smartphone is de cropfactor, die op die apparaten van ongeveer 2 tot meer dan 5 loopt, niet zo interessant. Maar wanneer een camera de mogelijkheid heeft om van objectieven te wisselen, wordt die cropfactor plotseling heel erg belangrijk. Soms zelfs meer dan nodig is. Laten we de cropfactor eens in wat meer detail bekijken.

Een omrekenfactor

We vergelijken graag. We willen een referentiepunt hebben om zo alles binnen perspectief te zien. Dat geldt ook voor het formaat van de sensor van een camera. Dit is niet nieuw want dit deden we al in het analoge fotografie-tijdperk. Daar was de standaard het kleinbeeld negatief. De afmeting hiervan bedroeg (of bedraagt) 24 x 36mm. Er waren natuurlijk ook andere formaten maar die werden als afwijkend gezien. Kleinbeeld negatief-film was en is nog steeds het standaard formaat.

De eerste digitale spiegelreflex camera’s hadden een veel kleinere sensor dan de standaard afmetingen. Hierdoor wordt er ook een kleiner deel van het beeld vastgelegd van wat er normaal gesproken met het standaard formaat wordt geregistreerd. Het formaat van deze kleinere sensor komt overeen met het zogenaamde APS-C formaat dat ongeveer 16 × 25 mm meet. Dit is iets meer dan 30% kleiner. Om een beeld van een dergelijk kleine sensor te vergroten naar het kleinbeeld formaat (fullframe) moet het met 1,6 vermenigvuldigd worden. Deze omrekenfactor wordt de cropfactor genoemd.

Afhankelijk van de camera en het merk zien we een groot aantal sensorformaten. Voor de camera’s met verwisselbare objectieven varieert de cropfactor in de meeste gevallen van ongeveer 1,3 tot 1,6. Dit getal geeft dus aan hoeveel kleiner de sensor is ten opzichte van de standaard van 24 x 36mm.

Sensorgrootte en brandpuntsafstand

De grote vraag is…, heeft de sensorgrootte invloed op de brandpuntsafstand? Dat is een vraag die niet eenvoudig te beantwoorden is, en zoals met zo veel dingen in de fotografie kun je de vraag met zowel ja als nee beantwoorden. Om dit duidelijk te maken moeten we even kijken naar het fenomeen brandpuntsafstand.

Als je door een objectief kijkt – zonder camera – zal het beeld op z’n kop staan. Om dit voor elkaar te krijgen moet het licht als het ware door een enkel klein punt kruisen. Boven wordt onder, onder wordt boven, links wordt rechts, rechts wordt links. Het punt waar alle lichtstralen elkaar kruisen wordt het brandpunt genoemd. De afstand tussen de voorste lens en het brandpunt is de brandpuntsafstand.

Met deze korte uitleg wil ik laten zien dat de brandpuntsafstand iets is dat afhankelijk is van het objectief en met niets anders te maken heeft. Het is een natuurkundig iets. Of je een 85mm objectief op een fullframe camera zet of een cropcamera, het verandert niets aan de brandpuntsafstand.

Nu is het zo dat het beeld wat door het objectief zichtbaar is, scherp op de sensor wordt weergegeven. Op die plek projecteert het objectief een cirkelvormig beeld…, de beeldcirkel. Want lenzen zijn immers rond. Een fullframe sensor maakt optimaal gebruik van die beeldcirkel en zal daar dan precies in passen. Echter, een kleinere sensor zal dus maar een deel van die beeldcirkel registreren waardoor er minder wordt vastgelegd. Hoeveel minder? Dat kunnen we uitrekenen met de cropfactor.

Dit laat zien dat de brandpuntsafstand absoluut niet verandert wanneer je gebruik maakt van een cropsensor. Het enige wat gebeurt is dat er minder van die beeldcirkel door de sensor geregistreerd wordt. Dit betekent dat het beeld als het ware vergroot moet worden om dezelfde afmeting foto te verkrijgen als bij de fullframe sensor. De hoeveelheid die we moeten vergroten wordt aangegeven met de cropfactor. Door deze vergroting zal het lijken alsof er met een langer brandpunt is gefotografeerd.

Dit vergroten heeft over het algemeen weinig invloed op de resolutie van het beeld aangezien de fabrikant ruwweg evenveel pixels op die kleinere cropsensor plaatst als op de grotere fullframe sensor.

Objectieven voor cropcamera’s

Fabrikanten hebben objectieven die speciaal voor camera’s met een cropsensor bestemd zijn. Dit zijn objectieven die vaak kleiner en compacter zijn. Normale objectieven zijn afgestemd voor fullframe sensoren en kunnen dus ook makkelijk gebruikt worden op crop camera’s. Objectieven voor crop sensoren kunnen echter niet gebruikt worden op fullframe camera’s.

Het brandpunt dat vermeld staat op de objectieven voor crop sensoren is echter niet gecorrigeerd voor een cropsensor. Zoals al eerder vermeld; de brandpuntsafstand is een fysisch gegeven dat niet verandert door welk formaat sensor dan ook. Een brandpunt van 85mm op een objectief voor een crop camera is dus hetzelfde als 85mm op een objectief dat voor fullframe is ontworpen. Dus ook met deze objectieven is het nodig om de cropfactor te gebruiken wanneer je de brandpuntsafstand wil vergelijken met een fullframe.

Invloed van cropfactor op het beeld

Een cropsensor heeft invloed op het uiteindelijk beeld dat vastgelegd wordt. De belangrijkste invloed is de vergroting van een deel van het beeld (in vergelijk met de fullframe). Door die vergroting zal met een camera met cropsensor nooit zoveel groothoek bereikt kunnen worden als met een camera met fullframe sensor. Daar staat tegenover dat je door de vergroting van een cropsensor kan profiteren bij het gebruik van (flinke) tele-objectieven.

Groothoekobjectieven

Met een groothoekobjectief kan door een enorm grote beeldhoek veel op een enkele foto vastgelegd worden. Doordat de cropsensor een kleiner deel van de beeldcirkel vastlegt kan niet optimaal gebruik gemaakt worden van die groothoek. Gebruik je een 17mm brandpunt, dan zal het gebruik met een 1,5 cropsensor lijken alsof je fotografeert met slechts 25,5mm (17mm x 1,5). Er komt dus echt veel minder in beeld.

Tele-objectieven

Bij het gebruik van tele objectieven is de cropsensor juist in het voordeel. Het gebruik van een tele-objectief is in veel gevallen juist bedoeld om het onderwerp dichtbij te halen. Doordat de cropsensor maar een deel van de beeldcirkel registreert, betekent het dat het onderwerp nog extra vergroot weergegeven zal worden. Het beeld komt dus overeen met de brandpuntsafstand vermenigvuldigd met de cropfactor.

Een bijkomend voordeel is het behoud van de grootste lensopening. De lensopening zal namelijk niet veranderen bij gebruik van een cropcamera. Zo wordt het mogelijk om met een 200mm f/2,8 objectief en een 1,5 cropsensor een beeld vast te leggen dat overeenkomt met een 300mm f/2,8 op een fullframe. Bedenk daarbij dat een 200mm f/2,8 redelijk betaalbaar en draagbaar is, en een 300mm f/2,8 niet of nauwelijks.

Waarom de maximale diafragma-opening niet gecorrigeerd moet worden door de cropfactor is eenvoudig; het brandpunt van het objectief verandert immers niet, ongeacht de afmeting van de sensor. De cropfactor vertelt alleen iets over de “vergroting” van het beeld.

Hetzelfde beeld vastleggen

Wat als je met een cropcamera hetzelfde beeld vast wil leggen als met een fullframe? Om dat voor elkaar te krijgen kun je twee dingen doen: het brandpunt veranderen of de afstand veranderen.

Brandpunt veranderen

Door het brandpunt te veranderen is het mogelijk om dezelfde beeldhoek te verkrijgen als bij een fullframe. Hiervoor moet de brandpuntsafstand gedeeld worden door de cropfactor. Om hetzelfde beeld van een 85mm brandpunt op fullframe te verkrijgen zal er met een 1,5 cropsensor uitgeweken moeten worden naar 56mm brandpunt (85mm / 1,5). Dit levert natuurlijk niet zoveel probleem op want dit is ook een heel gangbare brandpuntsafstand. Het wordt anders wanneer met een 1,5 cropsensor hetzelfde beeld te bereikt moet worden als een 17mm brandpunt op fullframe. In dat geval zal er gekozen moeten worden voor maar liefst 11mm brandpunt.

Afstand veranderen

Indien een ander brandpunt niet beschikbaar is of zelfs maar haalbaar, dan kan de afstand tot het onderwerp ook veranderd worden. Door met de camera met cropsensor op een grotere afstand te gaan staan wordt het mogelijk om toch even veel op de foto te krijgen als bij een fullframe. Om te bepalen hoeveel verder je moet gaan staan is simpel uit te rekenen. Daarvoor kan de cropfactor ook weer gebruikt worden. Met een cropfactor van 1,5 zal het dus nodig zijn om 1,5x zo ver weg te gaan staan. Maar dan moet er wel de ruimte voor zijn.

Invloed op de scherptediepte

Het veranderen van afstand of brandpunt kan wat scherptediepte betreft niet ongestraft gebeuren. De scherptediepte wordt tenslotte bepaald door diafragma, brandpunt en afstand tot het onderwerp. Verander je een van de drie, dan heeft dit invloed op de scherptediepte.

Het vergroten van de afstand tot het onderwerp, alsmede het gebruik van een korter brandpunt, hebben een grotere scherptediepte tot gevolg. Hoewel door het veranderen van een van beiden weliswaar een gelijke beelduitsnede bereikt kan worden zal het uiterlijk van het beeld nooit hetzelfde kunnen zijn. Natuurlijk kan een verandering in scherptediepte ten dele gecompenseerd worden door de lensopening bij de cropcamera verder open te draaien, tenzij je al gebruik maakt van de maximale lensopening (minimale scherptediepte).

Natuurlijk is het niet altijd nadelig. Gebruik je vaak de maximale scherptediepte, dan heb je voordeel bij het gebruik van een kleinere sensor.

Croppen uit een fullframe beeld

Natuurlijk is het altijd mogelijk om met een fullframe het beeld handmatig te croppen. We imiteren dan wat de cropsensor van nature doet: een kleiner deel van de beeldcirkel gebruiken. Dit heeft natuurlijk alleen nut bij gebruik van langere brandpunten.

Op deze manier is het mogelijk om digitaal in te zoomen. Hierdoor lever je echter resolutie in want je gooit als het ware pixels weg. Dit kan een flinke achteruitgang in kwaliteit tot gevolg hebben. Bij foto’s die uitsluitend bestemd zijn voor gebruik op internet zal dit geen enkel probleem opleveren, maar bij afdrukken op groot formaat kan dit zeker merkbaar worden. Om een idee te hebben; een 18mp cropsensor heeft evenveel pixels als een 18mp fullframe. Ga je een 18mp fullframe handmatig croppen met een cropfactor van 1,5, dan blijft er nog maar 12mp over. De digitaal gecropte foto zal dus altijd minder detail laten zien omdat de resolutie minder is geworden.

To crop or not to crop..., wat is beter?

Fullframe sensoren zijn vaak synoniem voor professioneel fotograferen, terwijl crop sensoren geassocieerd worden met amateur fotografie. Niets is minder waar. Elk formaat sensor heeft een eigen ideale toepassing. Zo is een fullframe sensor perfect voor wanneer (extreme) groothoek gebruikt moet worden. Je kunt optimaal gebruik maken van de beeldcirkel. Daarentegen heeft de crop sensor een enorm voordeel bij gebruik van (extreem) lange brandpuntsafstanden. Je krijgt een aangename vergrotingsfactor zonder dat je resolutie inlevert.

Wat betreft scherptediepte zien we iets vergelijkbaars. Voor gebruik van kleine scherptediepte geeft een fullframe camera veel meer speelruimte. Indien er voornamelijk met een maximale scherptediepte gewerkt wordt is de cropsensor dan weer in het voordeel.

Een cropsensor is dus niet slechter dan een fullframe. De een levert geen beter beeld op dan de andere. Het belangrijkste verschil is het toepassingsgebied, waarbij gebruikt gemaakt kan worden van de effecten die een grote of kleine sensor tot gevolg heeft.

Ja maar...

Er is natuurlijk een “ja maar...”. We willen natuurlijk zoveel mogelijk resolutie, zowel met een fullframe als cropsensor. Daarom zien we over het algemeen ook nauwelijks verschil in het aantal pixels tussen een fullframe camera en een cropcamera. Dit betekent dat er bij een cropsensor veel meer pixels per oppervlakte moeten zijn. Ze staan dus veel dichter bij elkaar of zijn veel kleiner dan bij de fullframe.

Meer pixels per oppervlakte heeft – simpel gezegd – als consequentie dat het ruisniveau hoger wordt. Daarom zullen cropsensoren altijd meer ruis vertonen bij hoge ISO waarden dan bij fullframe sensoren. Bovendien kun je bij een hogere pixeldichtheid op een fullframe sensor vele hogere resoluties krijgen. Of dat ook echt nodig is, is dan weer de vraag.

Auteur

Nando Harmsen

Fotografie gaat voor Nando Harmsen terug tot 1979: de hobby van vroeger is een beroep geworden. Zijn kennis is in de loop der jaren flink gegroeid en hij heeft een geheel eigen stijl ontwikkeld in natuur-, concert- en reportagefotografie. Hij deelt graag zijn kennis op zijn website maar geeft ook regelmatig lezingen en workshops met natuurfotografie als onderwerp.

Bekijk alle berichten