Tip van...

Hoe fotografeer je in de studio met één flitser?

Martin Hogeboom 2 weken geleden

In mijn vorige blog bericht heb ik je verteld over het werken met één flitser. Al die foto's waren gemaakt op locatie, in een situatie waarin je altijd te maken hebt met het aanwezige licht. In feite werk je daarbij dus nog steeds met meerdere lichtbronnen: het omgevingslicht dat wordt aangevuld met flitslicht. Deze keer wil ik je eens laten zien wat je kunt doen als je écht maar één lichtbron gebruikt. Een situatie zoals je die bijvoorbeeld in een fotostudio hebt.

Lees ook eens het blog: Fotograferen met maar één flitser op locatie

Voor deze serie portretfoto’s van Nikki heb ik maar één flitser gebruikt, zonder dat er aanwezig licht aan te pas kwam. Naast een paar lichtvormers heb ik nog een reflectiescherm gebruikt om de schaduwen wat op te lichten. De gebruikte apparatuur:

Als locatie heb ik een leegstaande hal met een mooie verweerde betonnen muur als achtergrond, waar mijn model op circa een meter voor staat. De verlichting op de camera heb ik zo ingesteld dat er geen enkele invloed van het aanwezige licht is, zodat Nikki alleen verlicht werd door de Godox flitser.

Stel je camera en flitser handmatig in

Als ik met flitslicht werk, stel ik het liefste zowel mijn camera als flitser handmatig in. Ook al is de Godox een volautomatische flitser met TTL en HSS enzo, in een situatie als deze vind ik toch manueel het meest prettig. Dat geeft je de meest voorspelbare resultaten. Je moet dan wel alles zelf regelen: de instelling van de camera en van de flitser én je moet tussendoor ook nog in de gaten houden of er geen veranderingen optreden. Maargoed, het is ook weer geen hogere wiskunde. Zelfs voor iemand die niet zoveel met cijfers heeft, zoals ik, is het best te doen.

Hoe begin je?
Om te beginnen moet je eerst bepalen wat voor belichting er nodig is om geen last te hebben van het aanwezige licht. Een kwestie van een paar testshots maken zonder dat de flitser nog ingeschakeld is en ervoor zorgen dat er een beeld ontstaat dat bijna geheel zwart is. In dit geval was dat zo bij een belichting van 1/500e van een seconde op f/5.6 en ISO400. Vervolgens schakel je de flitser in op de manuele stand en maak je een testfoto op een willekeurig vermogen, bijvoorbeeld 1/16e, om te zien hoe helder het flitslicht overkomt. Als het model er op het schermpje nog te donker uitziet, stel je het vermogen wat hoger in. Als ze te licht is, zet je het wat lager.

De hooglicht waarschuwing
Waar je goed op moet letten bij het instellen is de "highlight-waarschuwing". Als er op het schermpje delen van de foto staan te knipperen duidt dat op overbelichting en dat wil je niet hebben. Zeker niet in het gezicht van het model. In die knipperende vlakken is geen beeldinformatie meer aanwezig. Daar kun je achteraf corrigeren wat je wilt, je kunt er geen goede huidtint meer weergeven.

Na een paar testshots heb ik de juiste belichting wel te pakken en kan de shoot beginnen. Als eerste schiet ik een paar beelden met een softbox op de flitser om alvast lekker in de flow van de shoot te raken. Met een softbox schiet je altijd redelijk veilig, het is "vriendelijk" licht dat op iedereen wel goed staat. Het meest logisch is het om met de lamp te richten op het meest interessante deel van het gezicht, meestal is dat de driehoek van ogen, neus en mond. Als je licht een beetje boven ooghoogte staat en er een reflectie van in de ogen te zien is, heb je een mooie standaard verlichting te pakken waarmee je kunt starten.

Gebruik een softbox voor zacht licht

Een softbox is een vrij zachte en brede lichtbron waarmee je vrij veilig kunt fotograferen. Als je model iets beweegt ten opzichte van de softbox kom je niet snel in de problemen doordat er schaduwen ontstaan die je niet wil hebben. Ondanks dat kun je toch nog wel een beetje mee "sturen" door hem wat te draaien en te verplaatsen ten opzichte van je model. Je beïnvloedt het karakter van het licht door hem dichterbij of verder weg te plaatsen. De afstand van model tot flitser is enorm belangrijk. Er gebeuren een paar belangrijke dingen met het licht op het moment dat je hem verder weg plaatst.

Het licht is zachter naarmate hij dichterbij staat, omdat de lichtbron dan vrij groot is ten opzichte van het gezicht en er dus aan alle kanten rondom heen kan vallen. Het verschil zie je heel goed in de foto's hieronder.

De grootte van je lichtbron
Als hij veel verder weg staat wordt het licht veel harder doordat de softbox qua grootte, in verhouding tot het gezicht, een veel kleinere lichtbron is geworden en dus veel hardere schaduwen geeft. Of een lichtbron zacht of hard is heeft eigenlijk niet alleen maar te maken met de absolute grootte ervan, maar vooral met de verhouding in grootte ten opzichte van je onderwerp. De flitskop van een speedlight flitser geeft hard licht als je hem voor een portretfoto gebruikt, maar is weer enorm zacht als je hem heel dichtbij de kop van een lucifer plaatst. In dat geval is de lichtbron weer zo groot ten opzichte van je onderwerp dat hij licht aan alle kanten rondom dat luciferkopje kan gooien.

Houdt rekening met lichtafval

Door de softbox verder weg of dichterbij te zetten verander je niet alleen het karakter, maar ook de hoeveelheid licht die op de voor- en achtergrond valt. Dat heeft alles te maken met de lichtafval. Als licht een bepaalde afstand aflegt wordt de hoeveelheid ervan heel snel minder. Als je met een lichtmeter bijvoorbeeld op vijftig centimeter afstand van de flitser f/16 zou meten, dan blijft er op de dubbele afstand (1 meter) twee stops minder over, dus f/8. Op nogmaals de dubbele afstand (2 meter) is dat weer twee stops minder, namelijk f/4.

Wat doet lichtafval?
Dit principe heeft invloed op het verschil in helderheid van de achtergrond ten opzichte van het model. Nikki stond op één meter afstand van de muur achter haar. Op het moment dat de flitser op vijftig centimeter afstand van haar staat, legt het licht eerst vijftig centimeter naar haar af en vervolgens nog eens de dubbele afstand naar de muur. Dus die muur wordt twee stops donkerder weergegeven dan het model.

Op het moment dat je de flitser veel verder weg gaat zetten, bijvoorbeeld op drie meter vanaf het model, dan legt het licht eerst die drie meter af en vervolgens nog maar één meter naar de muur achter haar. Die ene meter is maar een klein deel van de oorspronkelijke afstand, dus de lichtafval is ook veel minder. De muur wordt dus geen twee stops donkerder dan het model maar veel minder. Ik ben geen rekenwonder, maar het zal ergens in de buurt van een halve stop liggen.

Voor wie het moeilijk vindt om te onthouden hoe die lichtafval werkt: denk even aan buiten fotograferen bij volle zon. Daar heb je niet te maken met lichtafval, het is overal even licht. Dat komt doordat de zon enorm ver weg staat en er dus geen lichtafval is. Hoe verder de lichtbron dus weg is, hoe minder de lichtafval is.

Hoe werkt het?
Het is wel handig om te weten hoe het werkt als je met de handmatige instellingen van je camera en je flitser werkt. De afstand van model tot flitser is daarbij heel belangrijk. Als die afstand varieert treedt er snel over- of onderbelichting op, zeker als de flitser erg dichtbij staat. Je moet dan corrigeren: een ander diafragma instellen of het vermogen van de flitser bijstellen. Bij een flitser die verder weg staat is het veel minder kritisch: daar is de lichtafval minder en hoef je dus veel minder snel bij te stellen. Dat kan een stuk sneller en makkelijker werken. Maar het nadeel is dat je ook veel minder variatie in licht en donker hebt...

Wat verder nog anders is bij de andere foto is dat de schaduwen wat meer ingevuld zijn. Dat heeft met hetzelfde principe te maken. Het licht dat op het model gericht is valt er ook langsheen en weerkaatst tegen de muren van de ruimte en vult de schaduwen in. Bij de situatie waar de lamp heel dichtbij staat, legt het licht dat voor invulling zorgt een veel langere weg af naar de muur naast het model en terug naar haar, waardoor er vrij weinig van overblijft. Bij de situatie waar de lamp verder weg staat is die afstand ten opzichte van de originele afstand van de lamp naar het model veel kleiner, waardoor er meer van dezelfde intensiteit van het licht overblijft voor de invulling van de schaduw en deze dus veel lichter wordt.

Flitsen en de achtergrond
Er zijn ook andere manieren om met één flitser de achtergrond te beïnvloeden. Door een reflectiescherm op een wat andere manier te gebruiken kun je een mooi verloop meegeven aan de achtergrond. In de onderste situatie heb ik de flitser met softbox rechts van het model geplaatst en het reflectiescherm als een soort "flag" gebruikt om een schaduw op de muur achter haar te maken. Door de plaatsing zoals in de schets krijg je een mooi lichtverloop in de achtergrond waarbij het lichte gezicht van het model mooi afsteekt tegen de donkere muur en het donkere haar van het model tegen het lichtere deel van de achtergrond.

Plaats je flitser in verschillende hoeken

Een flitser hoef je niet altijd recht op een model te richten. Je kunt ermee spelen door hem wat weg te draaien, te "featheren". Daardoor krijg je wat interessante, zij het subtiele effecten zoals in de foto’s hieronder.

De flitser hangt, bij de foto's hieronder, met een boomstatief midden boven de as van de camera en is op het model gericht. Door een scherm onder haar gezicht te houden krijg je een mooie zachte beauty-verlichting. Op het moment dat je de flitser wat meer naar beneden richt, veranderen er een paar dingen. Er valt minder licht direct op het gezicht van het model en relatief meer licht op het reflectiescherm, waardoor het aandeel van het licht dat terugkomt van het scherm in verhouding meer is dan het licht dat direct vanaf de flitser op het gezicht valt. Tegelijk is de flitser ook wat weggedraaid ten opzichte van de achtergrond waardoor die ook wat donkerder wordt.

Het model kan hierbij gewoon zelf het scherm vasthouden, dat komt toch niet in beeld. Wat je wel even in de gaten moet houden is de hoogte waarop ze dat scherm vasthoudt: door te variëren met de hoogte kun je de mate van invulling van de schaduwen regelen. En met zo’n handige, zelfgeknutselde constructie van twee lampstatieven en de grip van een Sunbounce kan ik de lamp mooi boven de camera en vlek voor mijn model plaatsen.

Hard licht

Om wat afwisseling in de serie te brengen maak ik ook wat foto’s zonder de softbox, met hard licht dus. De Godox AD200 wordt geleverd met twee flitskoppen: een normale speedlight kop en een "bare bulb" kop die alle richtingen op flitst en dus een wat ander karakter aan het harde licht geeft. Het verschil zit er vooral in doordat de laatste meer in alle richtingen flitst. Hierdoor vindt er ook meer invulling van schaduwen plaats doordat er meer licht gereflecteerd wordt tegen wanden etcetera.

Een ander effect is dat als hij dichtbij de lens van de camera staat er flare kan optreden. Dat kun je wel of niet mooi vinden, maar het is handig om te weten dat het kan. Als je het niet wil hebben, dan moet je de flitser dus afschermen naar de camera toe.

Overigens kan deze flare ook optreden als je werkt met een witte flitsparaplu. Het flitslicht maakt van je paraplu een grote reflecterende witte bol, die zijn licht alle kanten op kaatst. Dus niet alleen naar het model maar ook terug richting camera en via de wanden en het plafond naar de schaduwen en de achtergrond. Hierdoor kun je het licht veel minder mooi sturen dan met een softbox of een reflecterende paraplu.

Terug naar de kale flitser... Deze geeft dus veel harder licht en dat betekent dat het elke oneffenheid en rimpel laat zien, zeker op plekken waar het schuin langs een gezicht strijkt. Bij een model als Nikki is dat gelukkig geen probleem maar het is geen lichtbron die je zomaar bij iedereen kunt inzetten. De harde schaduwen vallen ook erg op als deze op de muur achter je model vallen. Als je deze niet in beeld wil hebben dan kun je haar verder van de muur af laten staan, zodat de schaduw net buiten je beeld valt. Of je maakt die schaduw juist een onderdeel van je foto.

Flashbender

Mocht dit hele harde licht nu wat teveel van het goede zijn, dan kun je het hele scherpe, pittige randje er net vanaf halen door een Rogue Flashbender te gebruiken. Dit is feitelijk een buigzaam wit reflecterend vlakje waar je je flitser tegenaan richt, zodat je lichtbron net weer wat groter en zachter wordt. Zo wordt wat minder hard. Het wordt niet zo zacht als met een softbox of paraplu, maar het ziet er net even wat pittiger uit. Zolang je hem redelijk dicht bij je model plaatst, wordt het licht (en dus ook de schaduw) wat zachter. Pas op dat je hem niet te ver van je model af plaatst, want dan wordt het al heel snel weer een stuk harder en is het verschil met een kale flitser alsnog minimaal.

Het leuke van de flashbender is dat hij op meerdere manieren te gebruiken is. Door hem op te rollen tot een snoot kun je bijvoorbeeld alleen het gezicht uitlichten. Om het wat interessanter te maken kun je de flitser dicht bij de muur plaatsen, waardoor hij daar langs strijkt en een mooie lichtbaan vormt.

Probeer ook eens met tegenlicht te fotograferen

Als je maar één flitser tot je beschikking hebt wil dat niet zeggen dat die ook altijd op het gezicht van het model gericht hoeft te worden. Hij kan net zo goed achter het model geplaatst worden. Je hebt dan geen licht meer over voor de voorgrond, maar daar kun je het reflectiescherm ook voor gebruiken. De flitser met softbox vormt een mooi lichtje op het haar van het model en dat geeft een mooi zonnig effect.

Waar je wel even op moet letten is dat je het reflectiescherm boven de as van de camera moet houden. De reflectie van dit scherm vormt in deze situatie namelijk geen invulling, maar het enige licht op het gezicht van het model. Als dat van onderaf komt, ziet het er wat luguber uit, zoals je ziet in het eerste plaatje hieronder. Als je het scherm iets boven ooghoogte van het model houdt ziet het er net wat mooier uit.

Hierbij is het wel handig dat je even hulp hebt van iemand om het scherm vast te houden. Gelukkig liep Anniek even binnen.

Als je de flitser met een softbox wat lager achter het model plaatst en volop in beeld neemt, dan vormt de softbox zelf de achtergrond. Doordat hij recht in het lens flitst, krijg je een lekker zacht contrast omdat de sterkte van het licht vrij groot is ten opzichte van de invulling. Ook wel een mooi effect!

Mocht je dat hele zachte effect niet willen hebben dan kun je de belichting ook wat krapper instellen zodat je een silhouetfoto krijgt. Weer een variatie!

En zo kun je uren doorgaan! Met maar één flitser kun je al zoveel variëren in positie en afstand dat het enorm veel verschillende licht- en schaduweffecten oplevert. Daar heb je zeker geen hele batterij aan flitsers voor nodig. Door ook nog eens telkens andere lichtvormers toe te passen kun je voorlopig heel wat shoots vooruit. En dan heb ik het nog niet eens gehad over zaken zoals flitsen door gobo’s, kleurenfilters en andere hulpmiddelen. Maar daar vertel ik een volgend blog wel over...

We eindigen met dezelfde conclusie als de vorige keer: werken met relatief simpele middelen maakt je creatiever. En het leidt je ook niet af van andere belangrijke zaken zoals een leuk gesprek met je model. Happy shooting!

Met dank aan mijn model Nikki, voor het trotseren van de kou in de "studio" en Anniek voor de spontane assistentie!

Lees ook eens het blog: Fotograferen met maar één flitser op locatie

Bekijk: Alle producten voor strobistfotografie

Auteur

Martin Hogeboom

Sinds 2001 is Martin fulltime beroepsfotograaf en mensen vormen het belangrijkste onderwerp. De ene keer fotografeert hij heel simpel in reportage-stijl, een volgende keer zijn het fotoshoots waarbij extra verlichting, styling en visagie komt kijken. Hij blijft steeds op zoek naar een "WOW!- effect".

Bekijk alle berichten