Instellingen voor macrofotografie

De instellingen voor een perfecte macrofoto zijn afhankelijk van een aantal factoren: wat je wilt bereiken met een foto, waar je bent, hoe groot je onderwerp is en hoeveel aanwezig licht er is.

De ISO

De ISO-waarde heeft invloed op hoe gevoelig de sensor is voor licht én op hoeveel ruis een foto heeft. Hoe hoger de ISO, hoe meer ruis je in een opname hebt. Het liefst wil je daarom de ISO zo laag mogelijk houden. Het makkelijkste is om in het begin de ISO-waarde op 100 te zetten en tijdens het fotograferen alleen te variëren met je diafragma en de sluitertijd. Zijn je foto’s te donker, maar is de scherptediepte goed? Zet je ISO dan omhoog naar 200 of 400. Door de ISO-waarde van 100 naar 200 te zetten krijgt je camera al dubbel zoveel licht binnen. Lukt het niet om je foto scherp te krijgen, dan kun je de ISO ook omhoog zetten om met een snellere sluitertijd te fotograferen.

Wat is de ISO-waarde?

Het diafragma instellen

Met het diafragma bepaal je hoeveel licht er doordringt tot de camera sensor. Daarnaast heeft het diafragma invloed op de scherptediepte. Hoe lager het f-getal, hoe minder groot het scherptegebied is en hoe meer licht er binnenkomt. Hoe hoger het f-getal, hoe meer scherpte je hebt en hoe minder licht er binnenkomt.

Wat is het beste diafragma voor het maken van een macrofoto? Daar is geen vaste waarde voor omdat macrofotografie zo divers is qua onderwerpen. De hoeveelheid aanwezig licht en je persoonlijke smaak zijn ook nog een bijkomende factor. Om een bloem met een mooie, onscherpe achtergrond te fotograferen kun je met een open diafragma, een laag f-getal zoals f/2.8 of f/4.0, werken. Maar om een super klein insect scherp op de foto te krijgen moet je het diafragma juist meer dichtknijpen om de ogen of de kop te krijgen. Je komt dan al snel uit op een hoger f-getal zoals f/8 of f/11.

Wat is diafragma?

Je sluitertijd bepalen

De gekozen sluitertijd staat voor hoe lang er licht op de sensor van je camera valt. Fotografeer je een bewegend onderwerp met een lange sluitertijd? Dan is de kans groot dat het onderwerp bewogen in beeld is. Om een druk insect scherp in beeld te krijgen, moet je met snelle sluitertijden werken zoals 1/400e van een seconde, of er een flitser bij pakken om de beweging te ‘bevriezen’.

Extra tip
Een handig ezelsbruggetje voor het maken van scherpe foto’s is om een sluitertijd in te stellen die gelijk is aan, of sneller is dan, de brandpuntsafstand van je lens. Met een 100mm macrolens kun je met een sluitertijd van 1/100e van een seconde nog scherpe foto’s maken. Dit kost wel enige oefening en geldt alleen voor een stilstaand onderwerp.

Wat is sluitertijd?

De invloed van de brandpuntsafstand

De drie basis instellingen van je camera zijn niet het enige waar je op moet letten. De brandpuntsafstand van je objectief is iets om rekening mee te houden bij het kiezen van de sluitertijd. Hoe verder je bent ingezoomd of hoe groter de brandpuntsafstand is, hoe meer invloed jouw bewegingen op de scherpte van de foto hebben. Hoe langer de brandpuntsafstand van je lens is, hoe korter je sluitertijd moet worden

Wat is brandpuntsafstand?

Beeldstabilisatie

Als je objectief beeldstabilisatie heeft, dan kun je waarschijnlijk met langere sluitertijden werken dan je in eerste instantie denkt. De stabilisatie vangt namelijk trillingen op en corrigeert deze. Wil je vanuit de hand een foto maken, maar zit je onderwerp in een lastig te fotograferen hoek? Dan is het gebruik van een snellere, oftewel kortere, sluitertijd verstandiger. Ook hier is het een kwestie van de grens opzoeken.

Extra tip
Bij het werken met een statief heb je de beeldstabilisatie niet nodig omdat het statief je camera al stabiel en stil houdt. Schakel daarom de beeldstabilisatie uit als je vanaf een statief gaat werken. Bedien de camera met een afstandsbediening of de timer zodat je zelf de ontspanknop niet in hoeft te drukken, dit kan trillingen veroorzaken.

Wel of niet flitsen?

Zit je op de grenzen van je camera instellingen te werken, maar is je foto alsnog te donker of het onderwerp bewogen? Dan kun je een flitser gebruiken. Met een macroflitser kun je schaduwen oplichten en de drukke bewegingen van een insect ‘bevriezen’. Een voordeel van een flitser is dat het makkelijker is om vanuit de hand te fotograferen of met extreem tegenlicht te werken. Een nadeel van een flitser is dat het totale gewicht van je apparatuur toeneemt.

Meer lezen over macrofotografie?

Flitsen bij macrofoto's

Flitsen bij macrofoto's

Voor het maken van scherpe macrofoto’s heb je vaak veel licht nodig. En dan biedt een macroflitser uitkomst! Hoe werk je ermee?

> Lees verder

Hoe maak je mooie macrofoto's?

Hoe maak je mooie macrofoto's?

Er komt best veel kijken bij het maken van een goede macro-opname. Waar let je allemaal op bij het maken van macrofoto’s?

> Lees verder

Zopim
Heb je een vraag?