7 tips voor het maken van analoge foto’s

Analoog fotograferen vraagt om een andere aanpak dan het werken met een digitale fotocamera. Je kunt de foto’s die je hebt gemaakt, niet meteen zien en beoordelen. Op deze pagina staat uitgelegd wat analoge fotografie precies is en vind je zeven handige tips voor als je wilt beginnen met het maken van analoge foto’s!

Wat is analoge fotografie?

De camera’s van nu zijn digitaal en de foto’s die je maakt worden opgeslagen op een geheugenkaartje. Bij analoge camera’s wordt er een film belicht zodra je de ontspanknop indrukt. Het fotorolletje moet eerst ontwikkeld worden voordat je de foto’s kunt afdrukken en bekijken. In tegenstelling tot digitale fotografie, is het bij analoge fotografie niet mogelijk om meteen het eindresultaat te zien. Met het bestaan van vele digitale camera’s en de toevoeging van camera’s aan smartphones, kun je je misschien afvragen waarom je nog analoog zou fotograferen? Het antwoord is simpel: omdat het zo ontzettend leuk is!

Bekijk analoge camera's

Tip 1: Ken de basis van fotografie

De meeste analoge fotocamera’s hebben geen automatische stand die de beste instellingen voor jou bepaalt. Scherpstellen moet meestal handmatig en een analoge camera heeft geen onderwerp herkenning. Daarom is het van belang dat je een goede basiskennis hebt van de instellingen. Omdat een filmrolletje een vaste lichtgevoeligheid heeft, bijvoorbeeld ISO 400, staat de “ISO-waarde” feitelijk al vast. Je moet creatief om weten te gaan met het diafragma en de sluitertijd. De basiskennis heb je écht nodig als je analoog gaat fotograferen.

Lees hier meer over de belichtingsdriehoek

Tip 2: Maak een bewuste keuze voor het rolletje

Er bestaan verschillende fotorolletjes of films. De korrel of de kleuren van foto’s kunnen erg verschillen, want elke film heeft een eigen karakteristieke eigenschap. Zoek eens online naar voorbeelden om te ontdekken wat je aanspreekt en experimenteer hiermee. Houd wel altijd rekening met de lichtgevoeligheid. Hoe hoger de ISO-waarde is, hoe meer ‘korrel’ je op de foto’s ziet. Soms wil je dat juist wél, maar soms ook niet… Gebruik bijvoorbeeld een rolletje met ISO 100 op een zonnige dag buiten, ISO 800 binnenshuis en ISO 1600 voor avondfotografie.

Ga naar fotorolletjes

Tip 3: Let goed op de compositie en timing

De fotorolletjes voor analoge kleinbeeld camera’s hebben een maximum van 24 of 36 opnames. Als het rolletje vol is, dan is het vol… Doordat het aantal opnames gelimiteerd is, word je bewuster van hoe je fotografeert, wat je precies fotografeert en van wanneer je een opname maakt. Durf te vertragen en heb geduld. Neem rustig de tijd om het standpunt en de beste compositie te bepalen. Wacht op het licht en het juiste moment. De timing is bij analoge fotografie ontzettend belangrijk.

Lees meer over het maken van een compositie

Tip 4: Denk goed na over de instellingen

Weet jij wat voor invloed het diafragma en de sluitertijd op een foto kunnen hebben? Voordat je een foto maakt moet je goed nadenken over de instellingen. Hoe scherp wil je dat het onderwerp in beeld is? Wil je bewegingsonscherpte hebben voor een bepaalde sfeer? En hoe duidelijk wil je dat de achtergrond in beeld is? Denk goed na over de instellingen en controleer of alles goed ingesteld staat voordat je daadwerkelijk afdrukt.

Neem een pen en papier mee als je op pad gaat, zodat je de instellingen waarmee je hebt gefotografeerd kunt noteren. Bij digitale foto's staat dat allemaal in de EXIF-informatie, maar dat heb je dat niet bij analoge fotografie. Door de instellingen op te schrijven kun je achteraf bekijken met welke instellingen de foto's zijn gemaakt en wat je eventueel fout of juist goed hebt gedaan. Een echte aanrader om nog beter te leren fotograferen.

Tip 5: Verdiep je in analoge fotografie

Misschien maak je al jaren foto’s met een digitale camera, maar heb je nog nooit analoog gefotografeerd als je dit leest. Het kan best spannend zijn om voor het eerst een filmrolletje in een camera te doen. Verdiep jezelf in analoge fotografie voordat je ermee aan de slag gaat. Lees artikelen zoals op deze pagina, zoek video’s over analoge fotografie op en verbreed op die manier je kennis. Hoe meer je erover weet, hoe meer vertrouwd en leuker het wordt. Laat je meteen inspireren door andere fotografen!

Tip 6: Neem je camera gewoon mee

De beste camera, is de camera die je bij je hebt! Een foto maken met je telefoon is natuurlijk zo gedaan, maar een mooi moment kan nog specialer worden als je het op een bijzondere manier vastlegt. Door je analoge camera altijd met je mee te nemen en ermee te fotograferen, zal het steeds vanzelfsprekender worden om ‘m gebruiken.

Tip 7: Doe iets met de beelden

Net als met digitale beelden, is het zonde om niets met de gemaakte foto’s te doen. Laat je fotorolletjes ontwikkelen en laat de foto’s afdrukken of scan de ontwikkelde negatieven in met een speciale scanner. De uiteindelijke resultaten zijn elke keer weer een verrassing en dat maakt analoog fotograferen zo leuk. Door de analoge beelden te digitaliseren kun je ze op je portfolio-website gebruiken of delen met je volgers op social media.

Hoe werkt analoge fotografie?

Als je op de ontspanknop van een analoge camera drukt, gaat de sluiter van de camera open. Afhankelijk van hoe lang de sluitertijd staat ingesteld, bijvoorbeeld 1/125e van een seconde, wordt het fotorolletje in de camera belicht. Daarna gaat de sluiter dicht en is de foto gemaakt. Zodra het rolletje vol is, kun je het filmrolletje uit de camera halen en ontwikkelen of laten ontwikkelen.

De negatieven gebruik je om foto’s af te drukken. Het afdrukken van de foto’s kun je zelf in een speciale donkere kamer doen, of laten doen. Maar je kunt er ook voor kiezen om de negatieven met een speciale scanner te digitaliseren. Het digitaliseren kan zelfs door een gespecialiseerd vaklab worden gedaan. De gescande beelden kun je gewoon, net als digitale foto’s, bewerken in bijvoorbeeld Adobe Lightroom of Adobe Photoshop.

Hoe kun je het licht meten?

Digitale camera’s hebben een ingebouwde lichtmeter. Dit is de basis voor het bepalen van de instellingen zoals ISO, sluitertijd en het diafragma. De lichtmeter wordt weergegeven als een balkje onderin de zoeker of op het beeldscherm. Er bestaan analoge camera’s met een ingebouwde lichtmeter, maar er zijn nog meer analoge camera’s zonder lichtmeter. Zonder lichtmeting wordt het moeilijk om de juiste instellingen te bepalen. Gelukkig zijn er nog een aantal andere manieren om het licht te meten:

  • Een fysieke lichtmeter gebruiken op locatie
  • Testfoto’s maken met je eigen digitale camera
  • Een lichtmeet app op je smartphone gebruiken

Handige accessoires voor analoge fotografen

Meer lezen over analoge fotografie?

Instant foto's maken

Instant foto's maken

Met een Polaroid camera heb je, direct na het maken van de foto, een unieke afdruk. Daarom wordt het ook een 'instant camera' genoemd.

> Lees verder

10 tips voor polaroid fotografie

10 tips polaroid fotografie

Hoe maak je de mooiste en de beste foto's met je instant camera? Lees nu deze 10 handige tips voor polaroid fotografie!

> Lees verder