Tips en inspiratie

8 tips voor conceptuele portretfotografie

Arlene Londema 2 maanden geleden

Een conceptuele portretfoto of een conceptuele fotoserie maken, begint met het hebben van een idee. Zelf barst ik soms weken van de inspiratie en dan heb ik het zo weer maanden niet. En helaas is niet elk concept op korte termijn uit te voeren, bijvoorbeeld door het weer of omdat je nog geen locatie hebt. Soms heeft een idee nog wat meer uitwerking of voorbereiding nodig voordat je het kunt maken. In dit blog geef ik daarom 8 handige tips voor conceptuele fotografie!

Wat is conceptuele fotografie?

Bij conceptuele fotografie draait het om het verhaal achter de foto. Dat kan met een in-your-face-boodschap, maar het kan ook heel subtiel of zelfs verborgen zijn. Het gaat bij dit soort artistieke foto's om het verhaal, de sfeer of de emotie die de fotograaf wil vertalen naar een passend beeld. Vaak hebben conceptuele beelden een extra lading.

Tip 1: Schrijf je ideeën altijd op

De eerste tip die ik wil meegeven is om elk idee op te schrijven. Je weet nooit waar je inspiratie krijgt. Als ik een idee heb, werk ik het snel uit in een klein schetsboekje. En heb ik die een keer niet bij me, dan mail ik het idee aan mezelf en zet ik het er thuis meteen in. Schets de pose die in je hoofd zit. Schrijf er steekwoorden bij. Hoe gek het ook is, schrijf alles op. Denk aan kleuren, het standpunt van de camera, een zinnetje uit een liedje dat de sfeer omschrijft, een soort gevoel, accessoires die je zou willen gebruiken, wat je met het licht wilt, wat voor kleding erbij past, welke sfeer je wilt. Schrijf het allemaal op. Want wanneer je dit niet doet, vergeet je het geheid.

Tip 2: Verzamel alles op één plek

Een los briefje hier, een notitie in je telefoon daar of een mailtje van twee zinnen dat je aan jezelf gestuurd hebt. Voor je het weet, staan je fotografische ideeën overal en nergens. Het is handiger en overzichtelijker om de concepten op één plek bij elkaar te hebben. Koop bijvoorbeeld een schetsboek of een bullet journal waarin je alles verzamelt. En…, neem het boek fysiek mee wanneer je gaat fotograferen!

Tip 3: Blader regelmatig het boekje door

Het komt vaker voor dat ik niets doe met een schets, dan wel. Dat komt omdat ideeën en interesses kunnen veranderen. Dat is niet erg, maar zo af en toe je schetsboekje met concepten doorbladeren kan zeker geen kwaad. Je kunt er inspiratie uithalen!

Op een gegeven moment ontdekte ik tijdens het bekijken van mijn schetsboekje een lijn in de concepten die er in stonden en daardoor ben ik begonnen aan een fotoserie die op het moment van schrijven nog steeds niet af is... Mede daardoor heb ik een berg van allerlei gekleurde papieren bootjes in huis waar je u tegen zegt. Maar als ik spontaan weer zin krijg om een nieuwe foto voor die serie te maken, dan kan ik in no-time alles pakken wat ik nodig heb en op pad gaan.

In een specifiek geval heb ik jarenlang niets met een idee gedaan, puur omdat ik nog geen locatie had gevonden om de foto te maken. Ik wilde graag een natuurlijke locatie en ook natuurlijk licht gebruiken in plaats van een set in een studio te bouwen voor het concept. Er zat denk ik iets van drie jaar tussen het oorspronkelijke idee en het uiteindelijke fotograferen. Toen ik de locatie had, heb ik in korte tijd een model gevonden en op een mooie dag heb ik haar ‘s morgens spontaan gebeld en zijn we ‘s middags naar de locatie gereden voor het maken van de foto. Het was bewolkt, maar ik had zon nodig en gelukkig kwam de zon een minuutje of twee door. De bewuste foto heeft thuis jaren aan de muur gehangen en ik geniet er nog steeds van dat het gelukt is!

Tip 4: Maak foto’s van mooie plekjes

De camera die je altijd bij je hebt, dat is je telefoon. Zie je een gave muur, een mooi steegje, een begroeide, oude poort of een sfeervol plekje in het park, maak er dan een foto van en bewaar dit soort foto’s in een map bij elkaar op je computer, je telefoon of een cloud-drive. Zo heb je een hele reeks van mooie fotolocaties achter de hand. Zet de plaats en de straatnaam er bijvoorbeeld bij in de bestandsnaam. Want je zult net zien dat je totaal niet meer weet waar die gave blauwe deur was op het moment dat je er graag een portretfoto bij wilt maken...

Tip 5: Bereid de fotoshoot goed voor

Doordat je een specifiek beeld gaat fotograferen, kun je je heel goed voorbereiden. Neem de tijd en maak een to-do-lijstje dat je kunt afstrepen. Zijn er speciale accessoires die je moet kopen, of zelf kunt maken? Moet het model bepaalde kleding of make-up meenemen? Wil je een visagiste? En hoe zit het met je apparatuur? Moet je misschien een lens huren of een flitser van iemand lenen? Dat zijn allemaal dingen waarover je nadenkt en die je meeneemt in je voorbereiding. Zo laat je niets aan het toeval over. Ga je buiten fotograferen? Houd het weerbericht dan goed in de gaten!

Extra tip
In een kringloopwinkel kun je voor een prikkie kleding en sieraden scoren!

Tip 6: Licht je model goed in

Zeker bij het verbeelden van een gevoelig beeld met veel emotie kan het voor een model moeilijk zijn om dit goed voor de camera over te brengen. Licht je model altijd goed en zo uitgebreid mogelijk in. Leg uit wat voor foto je gaat maken, wat voor gedachte erachter zit en wat je ermee wilt overbrengen. Hierdoor is het makkelijker voor hem of haar om zichzelf in te leven en zo heb je eerder het resultaat dat je wilt bereiken. Geef altijd aan bij een model hoeveel je van het lichaam in beeld hebt: is het een totaalplaatje of is het bijvoorbeeld alleen het bovenlijf in beeld? Dat is voor modellen handig om te weten.

Tip 7: Probeer dingen uit op locatie

Daar sta je dan. Op locatie. En binnen tien minuten heb je ‘m: dé foto die je zo graag wilde maken. Je bent feitelijk klaar, maar dit is niet het moment om meteen weer in te pakken en naar huis te gaan. Want je bent er toch en nu kun je lekker creatief bezig gaan. Het is tijd om te ontdekken of er nog meer uit te halen valt. Is het misschien toch mooier als je het fotografeert met een andere lens? Kan de lichaamshouding nóg beter of anders? Komt het concept beter over als je de hele setting omdraait, dus jij fysiek van plek wisselt met je model? Of is het beter als je standpunt lager of juist veel hoger is? Neem de tijd om te experimenteren.

Tip 8: Wacht met het bewerken

Bij thuiskomst sta je te popelen om de foto’s in te laden, in het groot te bewonderen en te bewerken. Ik raad je aan om de foto’s wel door te kijken, eventueel wat favorieten te markeren, maar de bestanden nog niet te bewerken. Laat het even een paar dagen rusten. Hoe moeilijk dat ook is, het is vaak wel beter. Later kijk je namelijk anders tegen de foto’s aan en zul je ze waarschijnlijk heel anders bewerken dan vlak na het fotograferen. Dit komt de kwaliteit van je foto’s ten goede!

Heb jij nog andere tips? Laat ze hier achter in de comments!

Auteur

Arlene Londema

Arlene Londema is marketing contentspecialist bij CameraNU.nl en geeft er ook regelmatig lezingen. Deze strobistende gearfreak richt zich vooral op het maken van conceptueel werk, portretten en reportages, maar heeft zeer uiteenlopende interesses als het op fotografie aankomt. Ze werkt het liefst op locatie, maar voelt zich ondanks dat ook thuis in een fotostudio.

Bekijk alle berichten

Blijf op de hoogte

Houd mij op de hoogte van laatste nieuwtjes, interessante blogs en aanbiedingen.